Uitstap nummer drie van dit jaar brengt ons weer naar wandelstreken die bij het merendeel van onze busreizigers vrij onbekend in de oren zullen klinken.  Burst ligt aan de poort van de Vlaamse Ardennen en Waasmunster vinden we midden in de Durmestreek.  Onbekend staat nogal eens synoniem voor onbemind.  Echter, na het lezen van deze reisinfo ruim je wellicht je vooroordelen met één ferme veeg aan de kant.

Burst vinden we ruwweg halverwege tussen Aalst en Zottegem.  Het is een deel van Erpe-Mere.  De al wat oudere clubleden weten dat deze gemeente in 1976 volledig op zijn kop werd gezet nadat hún Lucien Van Impe de Tour de France had gewonnen.  Knotsgekke taferelen die nu en dan nog wel eens opduiken in één of andere retro-uitzending op onze VRT.  De tocht wordt georganiseerd door club Land van Rhode.  De club werd in 1987 opgericht en het huidige ledenaantal schommelt rond de 650.  Jaarlijks worden er negen tochten georganiseerd, waaraan in totaal zo’n 15 000 wandelaars deelnemen.  Bekendste tocht is de Deliriumtocht, een zaterdagtocht met daarin de bekende 50 km “door het Land van Rhode”, die vorig jaar meer dan 2 200 deelnemers haalde.  Voldoende redenen om vrij zeker te zijn dat we bij een stevig uitgebalanceerde club gaan wandelen, die de wandelaars tracht mooie trajecten aan te bieden.  

Het parcours wordt telkens onder de leiding van Etienne De Neve, die geruggensteund wordt door gedreven medewerkers, meesterlijk uitgetekend.  Van hem kregen we volgende tochtinfo.  De wandeling aan de rand van de Vlaamse Ardennen is een pure natuurwandeling die je laat kennis maken met de nog bewaarde natuur van deze streek.  De wandeling van de 6 km bestaat uit twee lussen van respectievelijk 3,1 en 3,4 km en blijft in de buurt van de startzaal.  Op dit korte traject, mét rust in de startzaal, verken je Burst met de eerste lus en zoek je daarna de natuur op in de richting van Bambrugge.  

De overige afstanden verlaten na 500 m de 6 km en zoeken vooral de kleine paden op. Zij dwarsen de spoorweg en wandelen in de vrije natuur richting Opaaigem waar er een tweede splitsing is na 5 km.  In Aaigem is er een rustpost.  Aaigem kennen we van de songtekst van Jan De Wilde, die er nog steeds woont (“Er zijn ijskarren, tractoren, pikdorsers en loeiend vee,  hier in Aaigem hebben we niet over rust te klagen, nee !”).   De 18 km maakt nu een lus van 6,2 km richting Dries en Heldergem, deelgemeenten van Haaltert.  Deze lus bestaat hoofdzakelijk uit goed verzorgde trage wegen.  Na de tweede rust in Aaigem ga je, samen met de 12 en 14 km, terug richting startplaats.  Onderweg maak je nog kennis met het dorpje Ressegem, een deelgemeente van Herzele.  Hier maken de 14 en 21 km een ommetje van 2 km.  De terugkeer naar de start gaat overwegend over trage wegen in de vrije natuur.  En dan nog dit : in de startzaal kan je genieten van vers gebakken wafels !  

Na de middag rijden we naar Waasmunster waar de Durmestappers ons graag zullen ontvangen.  Zij kwamen vorig jaar bij ons op bezoek (Internationale Tocht), dus dit is voor ons een tegenbezoek.  Waasmunster is centraal gelegen tussen de kunststeden Antwerpen en Gent. Het is een mooie, toeristische plek in het Waasland met vele toeristische troeven in de Durmevallei, op de heide en in de bossen. Wandelaars genieten volop van het golvend, groene landschap dat deel uitmaakt van de Wase cuesta.  Het cuestalandschap bestaat uit een cuestarug, een korte steile helling in het landschap, en een cuestafront, een lange zachte helling naar de Durmevallei.  Deze vallei is met zijn grasgroene meersen gelegen op 4 à 5 m boven het zeeniveau.  De zandige cuestarug is gelegen op 30 à 35 m hoogte in het noorden.  Zowel het landschap als de vegetatie variëren van een droog golvend landschap met bossen en heide op de Wase cuesta naar een vochtig, nat landschap in het valleigebied met een meersenvlakte en rietkragen langs de oevers en dijken van de Durme.  Kortom, de Durmevallei wordt zeker een aangename ontdekking voor iedere wandelaar die houdt van een erg gevarieerde flora en fauna.  

Van alle natuurlijke waterlopen in België is de Durme diegene die door tal van menselijke ingrepen het meest van zijn authenticiteit heeft ingeboet.  De Durme vormt voor een groot gedeelte de natuurlijke zuidgrens (over 13 km) van de gemeente Waasmunster. Momenteel is enkel de benedenloop, nl. het gedeelte tussen de Oude Brug van Lokeren en de monding in de Schelde te Tielrode, aan de getijdecyclus onderhevig.  Een dam (1953) aan de Oude Brug te Lokeren verhindert immers dat de getijstroming verder landinwaarts dringt.  Deze menselijke ingreep werkt echter de verzanding van de Beneden-Durme in de hand.  Tijdens elke vloedbeweging - tweemaal per dag dus ! - worden, samen met het getijwater, bodemdeeltjes stroomopwaarts gestuwd. Bij gebrek echter aan een voldoende sterke zeewaartse stroming van de “onthoofde” Durme bij eb, blijft een gedeelte van dit slib op de bedding achter.  De aanvoer van sediment is dus groter dan de afvoer zodat er onvermijdelijk een verzanding optreedt.  Er dienen dus regelmatig baggerwerken uitgevoerd worden om overstromingen te voorkomen.  

Omdat we in Burst de tijd bieden om de 18 km te wandelen, rest er ons in Waasmunster alleen nog maar de tijd voor de 7 of de 12 km.  Beide trajecten liggen volledig los van mekaar.  Wie de Durme van dichtbij wil zien, kiest voor de 7 km.  De 12 km trekt richting Sombeke, de thuisbasis van de Durmestappers.  Op weg naar Sombeke is de Durme nooit ver weg, doch je stapt nooit over de oevers.  De 12 km wordt uitgetekend over rustige wandelwegjes doorheen het typische landschap van de Durmevallei.

Eddy

TERUG