
We
starten ons busprogramma 2026 met een daguitstap naar het Meetjesland en het
Scheldeland. Bergen gaan we hier zéker niet tegenkomen, uitgestrekte
velden en weidse zichten des te meer. Het Meetjesland is een landelijke
streek in het noordwesten van Oost‑Vlaanderen, gekenmerkt door landbouw,
kreken en dorpen met een sterke band met natuur en geschiedenis. De naam
“Meetjesland” heeft meerdere mogelijke verklaringen, variërend van oude
perceelindelingen tot volksverhalen. Volgens één van die verklaringen
zou de naam verwijzen naar de “meetjes”, langwerpige percelen die
ontstonden door turfwinning en ontginning. Turf werd in lange stroken
afgegraven, wat het landschap vormde. En dan is er nog het verhaal dat
dateert uit de tijd van Keizer Karel V. Volgens de legende zou de keizer
bij een bezoek gezegd hebben dat het hier “vol oude meetjes” zat, verwijzend
naar oude vrouwen die hij zag. Dit verhaal is kleurrijk maar minder
historisch onderbouwd.
Na
een vroege busrit komen we tegen iets voor negen aan in Knesselare, waar de
Lachende Wandelaars ons zullen verwelkomen. In mei 2024 kwamen zij met 69
op bezoek bij ons in Diest, tijdens de Mariëndaaltocht. We zijn hen dus
zeker een tegenbezoek verplicht, waarbij we hopen dat ook wij met een flinke
delegatie kunnen afreizen naar Oost-Vlaanderen. In Knesselare nemen we
deel aan de Flabbaert Tocht. De naam verwijst naar de historische wijk
“Flabbaert” in Knesselare, zelf een deelgemeente van Aalter. Het is
een streeknaam die al eeuwenlang verbonden is met zanddreven, populieren en oude
ontginningen in het Oostveld. Door de wandelclub wordt de naam gebruikt om
de tocht een lokale identiteit te geven, verbonden met het landschap en de
traditie van het dorp. De Lachende Wandelaars bieden ons afstanden aan van
5, 10, 15 en 20 km. Wij gaan ons beperken tot de 5 of de 10 km.
Wie binnen de tijdsmarge die we hiervoor inplannen meent dat er voldoende
speling is om een 15 km te stappen, kan dat natuurlijk ook doen. We
krijgen in Knesselare een winterse wandeling, richting Oostveld en Burkel.
Onderweg krijgen we een stuk ongerepte natuur, met zanddreven en populieren.
We lopen door een afwisselend open landbouwlandschap en komen ook door bosrijke
stukken. Verder wandelen we over rustige, landelijke wegen die typisch
zijn voor het Meetjesland. Nog vóor de middag stappen we weer in onze
Soforo-bus en rijden we naar Berlare, waar ons na een busrit van een klein
uurtje “het hoofdmenu” wacht.
Berlare
vinden we tussen Gent en Dendermonde. Dit jaar waren we op bezoek bij de
Schooiers, in Wichelen. Berlare ligt ter hoogte van Wichelen, maar dan wel
aan de overkant van de Schelde. Meest bekende toeristische trekpleister
van Berlare is het Donkmeer. Het meer en de omliggende natuurgebieden
bieden eindeloos veel wandelmogelijkheden, doorheen tal van Natuurgebieden.
Naast het Donkmeer zijn er nog de Gratiebossen, de Heidemeersen, Berlare Broek,
enz… De parcoursmeester van de Boerenkrijgstappers, de club die onze
gastheer is op 25 januari, heeft dan ook hele mooie routes uitgetekend die de
wandelaar doorheen deze mooie Berlaarse natuur voert.
Met de 5 km stap je helemaal rond het winterse Donkmeer en door het aangrenzend
recreatiemeer Nieuwdonk. Dit traject verloopt gedeeltelijk over (goed
begaanbare) onverharde wegen en over rustige verharde wandelwegjes. Nog
een weetje : het Donkmeer in Berlare is één van de grootste meren in
Vlaanderen. Liefst 30% van het gebied rond de waterplas is beschermd
natuurgebied.
De
9 en 12 km passeren even langs het Donkmeer, maar gaan nadien richting
Gratiebossen en Berlare Broek. Beide afstanden verlopen grotendeels over
onverharde wegen/paden. Vanaf 9 km is er een tussenstop in de parochiezaal
van Berlare. De Gratiebossen en het Berlare Broek vormen samen een
prachtig natuurgebied. Het bos maakt deel uit van het grotere
natuurcomplex rond het Donkmeer en Berlare Broek. Vandaag is het een
toegankelijk bos met populieren, wandelpaden en een rustige sfeer. Berlare
Broek is zo’n 130 ha groot. Het landschap bestaat uit moerassen,
broekbossen, vijvers en drijftillen (een drijvend eilandje van plantenresten en
wortels dat ontstaat in veenplassen) met veenmos. Het gebied telt meer dan
50 vijvers, aangelegd in de jaren ’60–’70, die stelselmatig werden
teruggegeven aan de natuur.
Bij
de 16 km komt er een stukje van de Heidemeersen bij (in Berlare een lus van 4
km). De Heidemeersen is een waardevol natuurgebied, gelegen tussen de
dorpskernen van Berlare en Wichelen. Het gebied maakt deel uit van de
Scheldevallei en staat bekend om zijn mozaïek van natte weilanden,
rivierduinen, knotwilgen, vijvers en poelen. De 20 km (voor de “snelle
beentjes”) omvat de hierboven natuurgebieden en dit traject komt tot aan de
rand van het natuurgebied de Paardeweide. Hier vinden we natte hooilanden
en weilanden, die regelmatig onder water komen te staan. Het gebied vormt
een gecontroleerd overstromingsgebied van het Sigma-plan, waardoor het bij hoge
waterstand van de Schelde tijdelijk onder water kan lopen. Knotwilgenrijen,
rietkragen en kleine poelen kenmerken hier het landschap.
Deze
eerste uitstap van 2026 wordt een heuse ontdekkingstocht door twee totaal
verschillende landschappen. In de voormiddag laten we ons leiden door de
landelijke charme en bosrijke paden van Knesselare, waar stilte en natuur de
toon zetten. Na de middag verplaatsen we ons naar Berlare, waar het
Donkmeer en de omliggende meersen ons onderdompelen in een waterrijk decor vol
winterse sfeer. Een dag vol variatie, van stille bossen tot glinsterende
waterlandschappen, van landelijke rust tot levendige natuur. Inschrijven is dus
de boodschap !